Prijsvraag preambule

Spelregels. Schrijf een tekst in de Nederlandse taal van maximaal 100 woorden die kan dienen als preambule voor de nieuwe wob. Alleen de aanhef- en afsluitzinnen die in elke Nederlandse preambule voorkomen zijn voorgeschreven. De tekst daartussen is vormvrij, maar moet grammaticaal volgen op de aanhef en in een doorlopende zin zijn geschreven. Gezocht wordt een tekst die wervend, inspirerend en mooi de bedoelingen van de wet en de idealen van de open democratische samenleving in het digitale tijdperk verwoordt. Een formulier waarop de standaardzinnen zijn voorgedrukt en de ruimte voor de prijsvraagtekst is aangegeven vind je onderaan deze pagina. Inzendingen kunnen tot en met vrijdag 29 juni worden gestuurd naar nieuwewob@gmail.com.

Een onafhankelijke jury bestaande uit oud-Kamervoorzitter Jeltje van Nieuwenhoven, schrijver P.F. Thomese en wob-expert Roger Vleugels selecteert de winnende tekst voor de eerste Nederlandse burgerpreambule. Bekendmaking gebeurt op de dag dat deze als preambule bij het initiatiefvoorstel bij de Tweede Kamer zal worden ingediend en aangeboden voor advies bij de Raad van State (voor 7 juli). In de memorie van toelichting wordt de naam van de auteur van de preambule vermeld. Tot de prijs behoort ook een verwelkoming in het gebouw van de Tweede Kamer met rondleiding.

Hieronder volgt een korte toelichting op wat een preambule is en vind je links naar Nederlandse en internationale voorbeelden van preambules.

Wat is een preambule? Iedere wet kent een preambule, een korte inleidende tekst of voorverklaring voor een wet of verdrag met de overwegingen die tot de wet of het verdrag aanleiding geven. Het zet bijvoorbeeld uiteen wat het doel en de achterliggende filosofie of motieven zijn, en de juridische basis voor het document. De tekst van de preambule heeft geen kracht van wet. Een beroemde preambule is die van de Amerikaanse grondwet, die de fundamentele bedoelingen die de makers hopen te bereiken verwoordt.

In Nederland wordt meestal weinig aandacht besteed aan de formulering van preambules. De grondwet heeft zelfs helemaal geen preambule. De inleiding op Nederlandse wetten is in de praktijk beperkt tot droge juridische opmerkingen en die zijn nogal onleesbaar. De preambule begint en eindigt ritueel met een plechtige aanhef en afronding waarin het staatshoofd de lezer groet, haar overwegingen inleidt en mededeelt dat de juiste procedure is gevolgd voor het afkondigen van de wet:

‘Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten: Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is….’

‘….Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:’

Daarna volgt de eigenlijke tekst van de wet, beginnende met artikel 1, enz.

Voorbeelden

Informatie ter inspiratie

• In 2009 schreven Cliteur en Voermans een essay over een preambule voor de Nederlandse grondwet.

• Het NRC heeft ook al eens een wedstrijd gehouden voor een preambule voor de Nederlandse Grondwet: zie de opdracht, de analyse en de inzendingen.

______________________________________________________________________

Formulier voor inzendingen

Naam:….

Geslacht:……..

Geboortedatum:……….

Beroep of bezigheid:……..

Email:……

Telefoonnummer:……

Uiterlijk 29 juni 2012 versturen.

______________________________________________________________________

Voorstel van wet van het lid Peters ., houdende regels over de toegankelijkheid van informatie van publiek belang (Wet op de openbaarheid van informatie van bestuur en publiek belang)

BEGIN PREAMBULE

WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het, mede gelet op artikel 110 van de Grondwet, het op 25 juni 1998 te Aarhus (Denemarken) totstandgekomen Verdrag betreffende toegang tot informatie, inspraak bij besluitvorming en toegang tot de rechter inzake milieuaangelegenheden (Trb. 2001, 73), richtlijn nr. 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2003 inzake de toegang van het publiek tot milieu-informatie en tot intrekking van Richtlijn 90/313/EEG van de Raad (PbEU L 41), en Richtlijn 2003/98/EG van het Europese Parlement en de Raad van 17 november 2003 betreffende het hergebruik van overheidsinformatie (PbEU 2003, L 345),

wenselijk is gebleken om……

[prijsvraag];

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

EINDE PREAMBULE